Airbnb en fiscaliteit vorig bericht

Airbnb en fiscaliteit

Steeds meer huishoudens delen hun bezittingen. Internetdiensten zoals Airbnb en SnappCar zitten daarom behoorlijk in de lift. Voornamelijk Airbnb is razendsnel gegroeid en wordt als bedreiging ervaren door hotels. Gek genoeg is het niet altijd de prijs die de doorslag geeft. De gemiddelde kamerprijs op Airbnb bedroeg het afgelopen jaar € 143 en is slechts een fractie lager dan de prijs voor een gemiddelde hotelkamer in onze hoofdstad (gemiddeld € 147).

Zodra je de eigen woning als vakantiewoning aanbiedt op Airbnb, kijken tegenwoordig veel instanties mee. In steeds meer steden mag je maar een beperkte hoeveelheid dagen per jaar de woning aanbieden zonder vergunning. Daarnaast is de hotellobby fel gekant tegen het ontbreken van vergunningen en het ontbreken van de heffing van toeristenbelasting. Afhankelijk van de duur van de verhuur zullen de inkomsten uit verhuur ook moeten worden opgenomen als belaste inkomsten in box 1. Bij langere verhuur van de woning is soms geen sprake meer van een ‘eigen woning’ waardoor de woning verhuist naar box 3 met alle gevolgen van dien.

Ook voor de BTW is het de vraag of je voor je verhuuractiviteiten als BTW ondernemer kwalificeert. Een BTW ondernemer moet zich registreren voor de BTW. Dit geeft administratieve rompslomp, maar dat kan worden voorkomen als men voldoet aan de voorwaarden voor de kleine ondernemersregeling. Hierdoor is nauwelijks BTW verschuldigd, mits tijdige registratie en ontheffing wordt aangevraagd.

Of het aanbieden van de woning voor een beperkt aantal weken ook BTW-ondernemerschap tot gevolg heeft, daar zijn de meningen over verdeeld. Naar onze mening hangt dit ook af van de duur en frequentie van de daadwerkelijke verhuur van de eigen woning. Wanneer de duur en frequentie vrij beperkt zijn, dan zijn er genoeg gronden te vinden in arresten van het Europese Hof van Justitie om te stellen dat er geen sprake is van een ‘economische activiteit’. Dit is een belangrijke voorwaarde die moet worden vervuld voordat je van BTW-ondernemerschap kunt spreken.

Desondanks zou het de Belastingdienst sieren om meer duidelijkheid te geven, zodat belastingplichtigen weten waar ze aan toe zijn. Aangezien de Belastingdienst in 2015 een onderzoek is gestart naar de ‘deeleconomie’, is dat hopelijk een kwestie van tijd.

Neem voor meer informatie contact op met Guido van Asperen (guido.van.asperen@fisconti.nl of 070 – 3656617).

terug naar overzicht